Na de heftige regen- en hagelbuien van juni was het zeker niet makkelijk een verzekeraar te vinden die tijd had om de technische aspecten van verbeterde waterafvoer toe te lichten. De experts hadden hun handen vol aan het afhandelen van schademeldingen. Agrarische bedrijven moeten nog beter anticiperen op extreem weer, zo luidt de boodschap.
[wcm_nonmember]
Voor het bekijken van deze content heeft u een lidmaatschap nodig, of log in als u al een lidmaatschap heeft.
[/wcm_nonmember]
[wcm_restrict]
Bij hevige regenval kan de capaciteit van de goot en afvoer onvoldoende zijn. Regenwater stroomt dan de kas in. Over de rand van een open stalen goot, vanuit de condenskamer van de goot, via gebroken ruiten, of via de grond. Verzekeraars willen samen met de ondernemers de preventie voor weerschade verbeteren, zoals door betere waterafvoer in de glastuinbouw.
Tussen glas en goot
Erik van der Arend van WPK in het Brabantse Made moest tot zo’n tien jaar geleden regelmatig met zijn verzekeraar om tafel om de gevolgen van wateroverlast in de kas op te lossen. “In onze oudere kassen liep het water bij hoosbuien gewoon tussen het glas en de goot de kas binnen. De gevolgen voor je spullen zijn dan niet best. Na een aantal voorvallen besloten we onze strategie aan te passen: niet langer schade oplossen, maar voorkomen. En dus pasten we het waterafvoersysteem aan. We plaatsten T-stukken in de afvoerbuizen vlak onder de goot. Nu wordt hemelwater – als het afvoersysteem bij een hoosbui te snel volloopt – versneld afgevoerd. De T-stukken zorgen er namelijk voor dat afvoerleidingen buiten de kas overstromen, de goten staan niet langer te vol. Sindsdien komen we droog het jaar door.”
Opbrengst onder druk
Bij nieuwe kassen speelt deze problematiek nauwelijks, vertelt de potplantenteler. “Als daar de goot overloopt, verspreidt het water zich over het dichte glasdek en komt uiteindelijk op onze verharde parkeerplaats of in de berm terecht. Niet in de kas en dus blijven wij gelukkig zonder schade.” En inderdaad, ook Theo Herngreen, technisch specialist glastuinbouw bij Interpolis vertelt dat vooral klassieke stalen goten voor de meeste problemen zorgden. “De constructie van een stalen goot, aluminium gootrand in combinatie met de lekwaterafvoer, veroorzaakte vaker overlast. Maar gelukkig werkt nieuwbouw voor meer dan 95 procent met aluminium goten.”
Een aandachtspunt is wel het omliggende terrein; de afstand tot bijvoorbeeld een sloot. Steeds meer bedrijven leggen langs de centrale afvoer een drainageslang, deze voert het overtollige water vervolgens via leidingwerk naar een put of sloot. Een andere manier om de capaciteit van de hemelwaterafvoer te vergroten, is het creëren van een buffer in het waterbassin. Als een bassin vol raakt, gaat het overtollige water via een overloop – met daardoor enig vertragend effect – rechtstreeks naar het oppervlaktewater.
Kassenprogramma bouwbesluit
De neerslag die van het kasdek moet worden afgevoerd, is in het verleden veelal berekend op 20 of 25 millimeter per uur (ter vergelijking: de NEN-norm voor gebouwen is 108 millimeter). Duidelijk onvoldoende. Bij zware buien komt de afvoer helemaal vol te staan en schiet het water vanuit de goot rechtdoor. Herngreen: “Soms valt er in een half uur wel 50 tot 60 mm. Daar moeten we op anticiperen. Vandaar dat het kassenprogramma Casta-kassenbouw de norm voor nieuwbouw van kassen heeft aangepast naar 35 mm per uur. Immers, de diameter van de afvoerbuizen bepaalt in grote mate de snelheid van de waterafvoer en daarmee ook de hoeveelheid waterafvoer. Met een verdere vergroting van de neerslaghoeveelheid per uur van 35 mm naar 50 mm kan er meer water worden opgevangen en verkleint dus het probleem.”
Daarbij attendeert de specialist direct op het belang van goed onderhoud. “Van goten, kasdek en fundering. Met het wassen van het dek wordt tevens de goot schoongemaakt. Door dit 1 à 2 keer per jaar te doen, voorkomt men problemen, Controleer ook het kasdek op breuk en ontbrekende ruiten en plaats bij weggevallen ruiten (in aluminium goten) tijdelijk kunststof plaatjes. Kijk tot slot ook de fundering van de kas na. Er kunnen gaten ontstaan in de grond onder de kas door ongedierte en of uitspoeling. Vul deze gaten geregeld aan.”
‘Transformatorstation zo droog mogelijk houden’
Specialist Peter van der Sar van Interpolis roept telers op na te denken over de locatie van transformatorstations. Liggen ze niet te laag (regenwater) en zijn de aansluitcompartimenten voldoende afgevuld?
“De trafostations maakten ongeveer zes jaar geleden hun opmars toen veel grootschalige (nieuwe) tuinbouwbedrijven werden gebouwd. Eén hoofdverdeler bleek onvoldoende voor het grote aantal belichtingsarmaturen in deze kassen. Er werd een ringleiding om het bedrijf gelegd waarop veelal uitpandige trafostations werden aangesloten. Elk station transformeert de middenspanning (10 of 20 KV) naar 400 volt laagspanning en verdeelt deze over verschillende panelen in de kas. De afstand tot de ringleiding bepaalde voornamelijk de locatie van het trafostation. Nu blijkt soms dat dit ‘watertechnisch’ niet de meest ideale plekken zijn: ze staan te laag zodat water er ophoopt.”
Trekontlasting
“Water veroorzaakt corrosie en dat resulteert altijd in een zwakke plek. Zorg daarom dat de locatie van de transformator, indien mogelijk, wordt opgehoogd. Na aanleg ben je te laat. Dan richten maatregelen zich meer op het afvullen van de aansluitcompartimenten. Kijk, de transformator staat in een betonnen bak. De kabels aan de laagspanningszijde gaan via het aansluitcompartiment de grond in, deze moet tot boven het maaiveld worden afgevuld met zand zodat de vochtigheid in het station beperkt blijft. Dit gebeurt niet altijd.”
Een ander probleem is de grond onder het trafostation. Deze zet zich, waardoor de grond aan de kabels en dus de aansluiting gaat trekken. In het aansluitingscompartiment moet daarom een trekontlasting worden gemonteerd, een stalen klem vastgeschroefd aan de leiding. “Het is wel zaak dat deze trekontlasting hoog genoeg zit; niet in het vochtige afvulzand. Want ook hier benadeelt roestvorming de kwaliteit. Tot slot kan een teler nog kijken naar manieren om het water om te leiden. Bijvoorbeeld door greppeltjes of drainageslangen. Zo voorkom je dat overtollig water het trafostation bereikt.”
Samenvatting
De hoosbuien van afgelopen tijd, maakten wederom duidelijk hoe belangrijk een goede waterafvoer is. Vooral bij een stalen goot stroomt het water bij extreme regenval makkelijk de kas in. Bij nieuwe aluminium goten is dat probleem al veel minder. Toch veranderde het kassenprogramma Casta ook de normering aangaande de diameter van afvoerbuizen. Daarnaast blijft goed onderhoud en controle van goten, kasdek en fundering belangrijk.
Tekst: Jojanneke Rodenburg. Beeld: Studio G.J. Vlekke.[/edd_restrict]
[/wcm_restrict]
