Voor telers die vooruit kijken

Plant geeft zelf aan dat vaste druppelbeurten uit de tijd zijn

Met adviserend webinar komt watergift opnieuw tot leven
456 0
Plant geeft zelf aan dat vaste druppelbeurten uit de tijd zijn

Toename van de belichtingscapaciteit, nieuwe diffuse glassoorten en intensief schermen zijn ontwikkelingen die grote invloed hebben op de watergeefstrategie. Planten kunnen zelf heel goed hun welbevinden aangeven, als je maar van de juiste combinatie van metingen uitgaat. Een kleine bijscholingscursus kan net dat duwtje geven om het iets beter te doen.
[wcm_nonmember]
Voor het bekijken van deze content heeft u een lidmaatschap nodig, of log in als u al een lidmaatschap heeft.
[/wcm_nonmember]
[wcm_restrict]
Als het om watergeven gaat is een aantal ongeschreven regels in omloop, die telers zich in de loop der jaren eigen hebben gemaakt. Druppelbeurten op schema en op vaste tijdstippen bijvoorbeeld. Of het aanhouden van een vast drainpercentage. Vaak ligt de nadruk meer op het waterniveau dat in de substraatmat aanwezig moet zijn dan op het zuurstofgehalte in het wortelmilieu.
Onder invloed van Het Nieuwe Telen (HNT) hebben inmiddels nieuwe begrippen hun intrede gedaan, zoals assimilatenbalans, energiebalans en waterbalans. Die drie principes werken nauw samen en zorgen er voor dat nieuwe discussies ontstaan over optimale plantengroei.
René Beerkens, consultant bij Hoogendoorn Growth Management en Remy Maat, Product en Application Specialist bij Saint-Gobain Cultilene, gaven uitleg over het begrip waterbalans tijdens een Engelstalig webinar over dit onderwerp. Deelnemers vanuit de hele wereld luisterden mee en stelden vragen.

Internationaal publiek

Het is even wennen om in discussie te gaan met een camera, in plaats van een zaal toehoorders. Toch is het tweetal dit inmiddels gewend. Moeiteloos klikken zij heen en weer tussen camera en presentatie en ze reageren direct op de vragen die in beeld verschijnen. In Nederland hebben al veel telers kennis gemaakt met HNT, maar voor het internationale publiek is het nog betrekkelijk nieuwe stof. “Dat is geen probleem”, vindt Beerkens. “Soms pakt een ‘nieuwkomer’ de theorie zelfs sneller op.”
Na webinars over ‘plant empowerment’ en ‘assimilatenbalans’, is ‘waterbalans’ een logische vervolgstap. Het begrip waterbalans staat voor de verhouding tussen wateropname en verdamping, die goed op elkaar moeten worden afgestemd om overmatig water geven en stressmomenten te voorkomen.

Waterbalans en energiebalans

Beerkens legt uit hoe de relatie is tussen de waterbalans en de energiebalans van de plant. “Een plant neemt geen water op omdat dit wordt aangeboden, maar omdat de vraag toeneemt door verdamping.” Verdamping kost energie. Om één liter water te verdampen is 2,5 MJ aan energie nodig. Planten ontvangen die energie van verschillende bronnen. Zo ontvangt de plant stralingswarmte van de zon, van de belichtingsinstallatie en van verwarmingsbuizen. De plant vangt ook convectiewarmte (geleiding) op via de lucht. Dit gebeurt alleen als er luchtbeweging is en de planttemperatuur tegelijkertijd lager is dan de omgevingstemperatuur.
Het programma van de klimaatcomputer combineert deze meetgegevens om een watergeefstrategie te bepalen. Gewoonlijk gebeurt dat vooral aan de hand van een stralingsmeter buiten de kas en de meetgegevens uit het wortelmilieu. Het intensieve belichten en het openen en sluiten van (energie)schermen vraagt echter om een andere aanpak, hebben telers inmiddels ervaren. PAR-meters in de kas kunnen aangeven hoeveel energie planten ontvangen van lampen én zon, zonder invloed van het scherm.

Stress vermijden

Een helpende hand biedt het nieuwe regelprogramma ‘Plantvoice’ van Hoogendoorn. Dit programma maakt een berekening van de totale verdampingsenergie aan de hand van zonlicht, pijptemperatuur, belichting en PAR-meting, uitgedrukt in W/m2. Over een langere periode wordt de energiesom berekend in J/cm2. Iedere keer als een bepaalde hoeveelheid J/cm2 is behaald start een druppelbeurt, die nauwkeurig is afgestemd op de wisselende verdamping. Tegelijkertijd volgt het programma de plantactiviteit en eventuele stressmomenten aan de hand van planttemperatuurmeting.
Beerkens: “Het voordeel daarvan is dat een plant bij de juiste instellingen niet ‘in de stress schiet’. Op dat moment sluiten namelijk de huidmondjes en kan het gewas de aangeboden CO2 niet meer opnemen.” Die vochtstress kun je aan zien komen, legt Maat uit. “Als de planttemperatuur stijgt weet je al dat er water nodig is, voordat de plant het laat zien door bijvoorbeeld slap te gaan hangen.”

Zuurstofgehalte in wortelmilieu

Moet de teler naast deze strategie ook een vast drainpercentage aanhouden? Nee, vindt Maat. “Meten van het drainpercentage is belangrijk, maar het is geen goede parameter om op te regelen”, legt hij uit. Dus vasthouden van een vast drainpercentage is geen uitgangspunt voor een watergeefstrategie. Drain is het resultaat van een aantal maatregelen en dient eigenlijk alleen ter correctie. We streven naar zo min mogelijk drain om water- en meststoffenverbruik te minimaliseren.”
Ook de mate van verzadiging van de mat is geen keihard vast gegeven. Iedere mat heeft zijn eigen verzadigingspunt. Globaal ligt de verzadiging ongeveer tussen de 60 en 70%. Veel belangrijker vindt Maat om aan het zuurstofgehalte te denken. “Vaak zegt het ‘groene vingergevoel’ dat de wortels voldoende water ter beschikking moeten hebben. Maar gevoel is subjectief. Veel belangrijker is het zuurstofgehalte in het wortelmilieu. Zonder zuurstof kunnen de wortels hun processen niet optimaal uitvoeren.”

Proactief handelen

Natuurlijk is de samenhang van alle factoren belangrijk. Meten van het watergehalte, het drainpercentage, de EC en pH is een must. Pas dan begint het echte sturen, al naar gelang de fase van de teelt. Een etmaal is daarbij verdeeld in vier periodes. De eerste periode, het begin van de dag, start met kleine beurten, omdat dat het tijdstip is waarop je de meeste uniformiteit in de mat en binnen de kas kan bereiken. In de tweede periode probeer je watergehalte en de EC stabiel te houden. Na het middaguur volgt de derde periode waarin je speelt met frequentie en volume van druppelbeurten. In die periode kun je eveneens de EC controleren en het watergehalte stabiel houden. Periode vier is de nacht, waarin de mat mag interen.
Maat: “Het allerbelangrijkste van watergeven is proactief handelen. Dus niet reageren als het bij wijze van spreken te laat is, maar juist moeilijke momenten voor zijn. Vooruitkijken, zo blijft de plant in goede conditie en kan het gewas ongehinderd groeien.”

Kennis ontwikkelen

Beide adviseurs vinden dat ze de taak hebben om telers mee te nemen in deze materie. “Als je niet kunt doorgaan in het ontwikkelen van kennis, blijf je slechts een leverancier van materialen en wij willen graag oplossingspartners zijn van ondernemers”, leggen ze uit.
De theorie die in de webinars wordt behandeld is ook samengevat in zogenaamde ‘whitepapers’, die deelnemers kunnen downloaden via de websites van beide bedrijven. Op donderdag 25 januari 2018 wordt de volgende kennissessie in deze serie gehouden, ditmaal in samenwerking met Svensson. Dan staat het onderwerp energiebalans centraal.

Samenvatting

Belichten en schermen hebben grote invloed op de gewasverdamping. Daarom is het belangrijk om deze factoren mee te nemen in een goede watergeefstrategie. Met de invoering van Het Nieuwe Telen is het begrip waterbalans geïntroduceerd. Dit staat voor de verhouding tussen wateropname en verdamping. Er is een nauwe relatie tussen waterbalans en energiebalans en het is goed mogelijk om daarop te sturen.

Tekst en foto’s: Pieternel van Velden.





[/wcm_restrict]

Gerelateerd

Geef commentaar

Uw e-mail adres wordt niet gepubliceerd