Voor telers die vooruit kijken

Nieuwe NEN-normen bieden broodnodige duidelijkheid over glas en schermen

Noodzakelijke aanvulling op snelle innovatie diffuus licht
512 0
Nieuwe NEN-normen bieden broodnodige duidelijkheid over glas en schermen

De afgelopen jaren lieten snelle ontwikkelingen zien bij diffuus glas, coatings en schermen. Daarmee zijn betere teeltresultaten te bereiken. Tegelijkertijd nam de onduidelijkheid toe. Wat betekenen de afspraken met de leverancier nu precies? De actualisatie van twee NEN-normen voorkomt in het vervolg misverstanden.
[wcm_nonmember]
Voor het bekijken van deze content heeft u een lidmaatschap nodig, of log in als u al een lidmaatschap heeft.
[/wcm_nonmember]
[wcm_restrict]
In de loop van de tijd hebben veel telers verteld over hun ervaringen met diffuus glas. Ze gaven aan waarom ze voor een bepaald haze-percentage hadden gekozen en welke resultaten ze daarmee boekten. In de zijlijn klonken er echter af en toe kritische geluiden: hadden ze wel het afgesproken haze-percentage geleverd gekregen? Waarom week het opgegeven percentage af van metingen bij het Lichtlab in Wageningen?

Spraakverwarring

Het is met name de grote onduidelijkheid over diffuus glas die voor Stichting Hortivation (zie kader) de motivatie vormde om tot een project te komen. De norm voor het meten van lichtdoorlatendheid van glas (NEN2675) was dringend aan actualisatie toe; en in de slipstream tevens NEN2674, de procedure voor het nemen van steekproeven van glas. Niemand heeft immers iets aan spraakverwarring als het gaat om zulke belangrijke zaken.
Gert-Jan Swinkels van Wageningen University & Research kan precies aangeven waar een belangrijk pijnpunt zit. “Haze wordt nog vaak gemeten volgens ASTM-1003. Dat is een norm voor plastics, die aangeeft hoe helder het materiaal is. Maar die geldt maar tot 30% haze. Daarboven mag je dus helemaal niets claimen, terwijl dit wel gebeurt. Bovendien geeft haze geen goed beeld van de lichtverstrooiing. Bij high-haze glas ga je al snel richting 100% haze terwijl het in feite maar weinig verstrooit.”

Toepassingsgebied

NEN (de afkorting staat voor: Nederlandse Norm) behelst vrijwillige afspraken over kwaliteit van producten. Een kenmerk van de NEN-normen is dat ze heel strak zijn: de meetprocedure en de range waarin moet worden gemeten, zijn heel duidelijk omschreven. Voordeel daarvan is dat dit overal op dezelfde manier gebeurt.
“We zijn een aantal keren met het NEN-comité bijeen geweest om de uitgangspunten duidelijk in te vullen: de meetvoorschriften moeten helder en ondubbelzinnig zijn. De sector moet erachter staan. Verschillende labs moeten tot dezelfde conclusies komen als ze de procedure volgen en er moet meetapparatuur voorhanden zijn”, vertelt Swinkels. “Daarna zijn we de technische details gaan invullen.”

Golflengtebereik

Het toepassingsgebied is enkel glas met of zonder (permanente of tijdelijke) coatings en schermdoeken. De metingen zijn: loodrechte en hemisferische transmissie van PAR-licht, transmissie van UV en nabij-infrarood (NIR), warmte-input (solar factor) en de mate van verstrooiing, aangegeven met het nieuwe begrip Hortiscatter. Dat is nogal een verschil met de oude norm, want die ging alleen over de loodrechte transmissie van PAR-licht, met een vaste correlatie voor hemisferische transmissie (dat is de lichtdoorval van licht dat uit alle mogelijke hoeken komt).
Swinkels legt uit wat er wordt gemeten en hoe dat moet gebeuren. “Uitgangspunt in het PAR-gebied is een hemisferische meting. Deze geeft verreweg het beste weer hoe het materiaal presteert in de praktijk en door het seizoen heen. Ook de oude loodrechte (en snellere) meting is nog opgenomen in de nieuwe norm, maar uitsluitend voor helder ongecoat glas en meer bedoeld als kwaliteitscontrole.”
Voor UV, NIR en de solar factor is gebruik gemaakt van een bestaande norm (NEN-EN 410), maar het golflengtebereik is aangepast aan tuinbouwdoeleinden en efficiënte meetmogelijkheden: dit loopt van 300 nm tot 2.000 nm.

Hortiscatter

Vanaf nu zijn de woorden ‘haze’ en ook ‘F-scatter’ achterhaald. Het nieuwe begrip is Hortiscatter (de naam is bedacht door AVAG-voorzitter Harm Maters). Het geeft aan hoe invallend licht door het materiaal over de uitvalshoeken wordt verspreid. Voor de liefhebbers: de BTDF-functie wordt gemeten. Dat kan met een goniometer of met de imaging sphere.
De waarde van Hortiscatter ligt tussen 0% voor helder glas en 100% voor een materiaal dat invallend licht gelijkmatig over alle uitvalshoeken verstrooit (dit heet Lambertiaanse diffusie). Gevolg van het nieuwe begrip zal zijn dat de diffusie-percentages van bestaande materialen een stukje naar beneden worden bijgesteld.

Anisotrope materialen

Een kenmerk van nieuwe materialen is soms dat de eigenschappen niet in alle richtingen hetzelfde zijn. Dit heet anisotroop. “Bij zulke materialen moet je de hemisferische transmissie in twee richtingen meten. En bij schermen zelfs in vier richtingen”, vertelt Swinkels.
Schermen vergen ook bij het bepalen van de Hortiscatter een speciale benadering omdat ze vaak uit bandjes bestaan. “Je kunt dan een voorgeschreven oppervlak in zijn geheel meten of de losse componenten apart en dan het gewogen gemiddelde daarvan nemen om tot een algemeen Hortiscatter-getal voor het hele scherm te komen”, geeft hij aan.
Bij tijdelijke coatings (zonwerend, diffuus, hittewerend) zijn verschillende metingen noodzakelijk. Tot slot schrijft de norm tevens voor hoe de materialen moeten worden schoongemaakt voor de meting en hoe het klimaat in het lab tijdens de meting moet zijn.

Steekproefnorm

De andere norm, NEN2674 die voorschrijft hoe je steekproeven neemt van glas, is nauw verbonden met de meetnorm. Doormeten geeft immers alleen een goed beeld van de eigenschappen als je een representatief deel van het materiaal meet. “De belangrijkste wijziging is dat deze norm veel praktischer is. Dat maakt dat hij weer wordt gebruikt. Dat was bij de oude namelijk niet het geval. Voorschriften over de grootte van de monstername en het snijden van glas – onmogelijk bij gehard glas – maakten dat hij echt uit de tijd was. De betrokkenen vinden het desondanks een waardevol instrument bijvoorbeeld in het geval van geschillen”, vertelt de onderzoeker.
De meetnorm is nu klaar; de steekproefnorm waarschijnlijk voor de zomer. Nu kan de sector erop inspelen. Er is al een fabrikant die nieuwe meetapparatuur ontwikkelt. Dat is ook nodig. Tot nog toe is het Lichtlab in Wageningen de enige plek waar onafhankelijke metingen mogelijk zijn. Dat heeft tot gevolg dat het heel druk is; zowel kopers als verkopers leveren materialen aan.


‘Confuse situatie bij diffuus glas van de baan’

Op initiatief van de Stichting Hortivation zijn de NEN-normen bij de tijd gebracht. Het was hoognodig, geeft vice-voorzitter Harm Maters aan. “Dit is de noodzakelijke aanvulling op de snelle innovatie die de afgelopen tijd heeft plaatsgevonden.”

De stichting is opgezet door brancheorganisatie AVAG om pre-competitieve innovaties te stimuleren die algemeen sectorbelang dienen. “We hebben een grote ontwikkeling in de markt gezien, met name op het gebied van diffuus glas, maar de normontwikkeling liep erg achter. Dat gaf onduidelijkheid. Het initiatief voor actualisatie had ook op andere plekken in de keten kunnen worden genomen, maar het bestaan van Hortivation gaf de doorslag. We hebben samen met tien ondernemingen (glasleveranciers, kassenbouwers, technische bedrijven) het initiatief genomen”, vertelt Maters. Het PPS-project kent verder als partners: LTO Glaskracht Nederland, Kas als Energiebron en Wageningen University & Research. De laatste partner heeft veel gedaan aan meetmethodeontwikkeling; dat vormde in veel gevallen de basis.

Normactualisatie

Maters heeft er alle vertrouwen in dat de normactualisatie inderdaad zorgt voor eenduidigheid. “We weten natuurlijk niet wat er nog allemaal aan innovatie komt, maar voor de huidige glassoorten is het nu goed geregeld. Dit gaat een belangrijke rol spelen in nieuwe contracten. De teler wil het graag goed definiëren en de industrie zal zich daarop inrichten. Het kan zelfs sturing geven aan de innovatie; meetbaarheid van de prestatie wordt de leidraad, zodat het nieuwe ontwikkelingen stimuleert.”
Hij verwacht dat grotere glasproductiebedrijven de apparatuur gaan aanschaffen zodat er op meer plekken op dezelfde manier is te meten.


‘Verwijs naar de normen in contracten’

LTO Glaskracht Nederland gaat er de komende tijd voor zorgen dat de nieuwe normen ruim bekend worden onder de achterban.

De organisatie is medefinancier van het project om tot actualisatie te komen en innovatiemedewerker Dennis Medema zat in het NEN-comité. Het belang kan niet worden overschat, geeft hij aan. “De gemiddelde teler bouwt misschien maar twee keer in zijn leven een nieuwe kas. Dan wil je de juiste keuze voor materialen kunnen maken. Je moet daarbij veelal vertrouwen op specificaties die de leverancier geeft. Zijn die dan wel goed gemeten? Kan ik ze zelf laten controleren? De twee normen zorgen in de toekomst voor veel meer zekerheid.”

Specificaties

NEN-normen zijn vrijwillige afspraken in de sector. Niemand is verplicht om zich eraan te houden. Door de aanpak bij de actualisatie, met een brede vertegenwoordiging van leveranciers, is het noodzakelijke draagvlak gecreëerd. Medema ziet dan de volgende stap voor zich: “Kassenbouwers en andere leveranciers zouden op de specificaties moeten vermelden dat er volgens NEN2675 is gemeten en dat de steekproef volgens NEN2674 genomen is. Vervolgens zou de teler erop moeten letten dat dat inderdaad op papier staat. Zo kom je tot zekerheid en eenduidigheid wat je hebt besteld en het voorkomt dat er achteraf dingen moeten worden rechtgezet. Tot nu toe zag je in contracten weinig over de manier van meten.”
Medema gaat met zijn collega’s en met de partners in het NEN-comité de normen in ruime kring bekendmaken, tijdens bijeenkomsten, in nieuwsbrieven en in een nieuw handboek met aandachtpunten voor nieuwbouw.


Samenvatting

De normering voor glas en schermdoeken liep ernstig achter bij de innovaties. Met name over diffuus glas heersen misverstanden in de praktijk. Nu zijn zowel de normen voor metingen (NEN2675) als die voor de steekproefname (NEN2674) bij de tijd gebracht. In de voorschriften wordt gedetailleerd uitgelegd wat en hoe moet worden gemeten. De aanpassingen zijn mede genomen op initiatief van glasleveranciers, kassenbouwers en technische bedrijven. Zaak is nu de meerwaarde uit te dragen onder telers.

Tekst: Tijs Kierkels. Foto’s: Pieternel van Velden en Jan van Staalduinen.





[/wcm_restrict]

Gerelateerd

Geef commentaar

Uw e-mail adres wordt niet gepubliceerd