Voor telers die vooruit kijken

Kwaliteit perspot beter voorspelbaar dankzij innovatieve meetmethode

Nieuwe recepturen met beter voorspelbare eigenschappen
539 0
Kwaliteit perspot beter voorspelbaar dankzij innovatieve meetmethode

Een goede perspot maken is niet eenvoudig. Doorslaggevend voor een hoge, constante kwaliteit zijn – naast een goede receptuur – de ervaring en het inzicht van de mensen die aan de perslijn staan. De toepassing van nieuwe grondstoffen en samenstellingen stelt de producenten en gebruikers van persgrond voor nieuwe uitdagingen. Het kenniscentrum voor substraten ontwikkelde een innovatieve meetmethode die houvast biedt.
[wcm_nonmember]
Voor het bekijken van deze content heeft u een lidmaatschap nodig, of log in als u al een lidmaatschap heeft.
[/wcm_nonmember]
[wcm_restrict]

Ieder jaar verwerken Nederlandse bedrijven ruim 1 miljoen m3 persgrond tot meer dan 10 miljard perspotten voor de opkweek van chrysantenstekken, andere siergewassen en groenteplanten. Veen is met afstand de belangrijkste grondstof. Nu de winning en toepassing daarvan onder druk staan en producenten ook voor persgrond op zoek zijn naar nieuwe grondstoffen, groeit de behoefte aan een meetmethode die meer grip geeft op de kwaliteit van de potten.
“Het maken van perspotten had altijd iets van een black box”, vertelt hoofd onderzoek Hans Verhagen van kenniscentrum RHP. “Je wist wat er in ging, maar wat er uiteindelijk van de lijn kwam was nooit helemaal te voorspellen. Uitgaande van een goede receptuur, draaide in feite alles om het vakmanschap van de mensen aan de lijn.”
Het toevoegen van de juiste hoeveelheid vocht en het instellen van de juiste persdruk zijn de cruciale aspecten in het productieproces. “Had je die eenmaal gevonden, dan kwam het er op aan om die parameters constant te houden. Een kleine afwijking kon al voldoende zijn om de kwaliteit van de perspot om zeep te helpen en de lijnchef grijze haren te bezorgen. Ik heb zo’n voorman ooit eens horen verzuchten dat hij de waterkraan het liefste vast zou willen lassen om te voorkomen dat iemand er nog met zijn vingers aan kon zitten.”

Juiste balans vinden

Een goede perspot moet voldoende stevig zijn om hanteerbaar te blijven in het opkweek- en uitleveringsproces en voldoende vochtig en luchtig zijn om de eerste groeifase van de jonge plant te faciliteren. “Daar zit per definitie een spanningsveld tussen”, vervolgt Verhagen. “Het gaat om het vinden van de juiste balans tussen de samenstelling van de grond – inclusief toevoegingen die de hechting van de grond bevorderen – de hoeveelheid water en de druk waarmee de bevochtigde grond in zijn uiteindelijke vorm wordt geperst. Als je aan één factor gaat sleutelen, heeft dat vrijwel altijd gevolgen voor de andere factoren.”
Dat sleutelen gebeurt volop. In de eerste plaats bij de producenten van persgrond, die geschikte alternatieven zoeken om een deel van het traditionele veen te vervangen. In het besef dat zowel zij als de gebruikers baat hebben bij een meetmethode die de kwaliteitsaspecten van perspotten op voorhand inzichtelijk en beter beheersbaar maakt, werd RHP enkele jaren geleden gevraagd of het zo’n methode kon ontwikkelen.

Toekomstige uitdagingen

“In samenspraak met de vier voornaamste persgrondproducenten in Nederland en België hebben we dat met alle plezier opgepakt”, aldus Verhagen. Die producenten zijn Klasmann-Deilmann, BVB Substrates, Freepeat en het Belgische Peltracom, dat inmiddels is hernoemd tot Greenyard Horticulture Belgium.
Verhagen en zijn team verdiepten zich grondig in de problematiek en de toekomstige uitdagingen voor perspotten. Dat leverde inzichten op die veel praktijkproblemen verklaarden met betrekking tot stevigheid, volume en luchtgehalte. Die inzichten zijn vervolgens vertaald in een methodiek die bestaat uit drie onderdelen: een perssimulatie (inclusief potsterktemeting) op laboratoriumschaal, aanbevelingswaarden voor de kwaliteitseisen van de persgrond en gebruiksadvies voor telers van jonge planten.

Perssimulatie en potsterktemeting

Voor de perssimulatie liet het kenniscentrum speciale mallen maken, waarin persgronden van uiteenlopende samenstelling en vochtigheid tot potten worden geperst. Er zijn verschillende mallen, die corresponderen met de meest gangbare perspotformaten. Vervolgens worden de perspotten in verschillende stadia van indroging beoordeeld op sterkte. Dit vindt plaats door de pot in een geautomatiseerde opstelling omhoog te drukken tegen een horizontaal stalen balkje, dat gekoppeld is aan een drukmeter.
Verhagen: “Zo kun je bij uiteenlopende vochtgehalten precies vaststellen wanneer de pot breekt. Wanneer je op die manier meetreeksen aanlegt voor verschillende recepturen en/of persdrukinstellingen, krijg je een vrij nauwkeurig beeld van de optimale verhoudingen. Je kunt dan veel beter onderbouwd voorspellen hoe de perspot zich in de praktijk zal houden.”

Beter definiëren

Volgens Verhagen passen twee van de vier betrokken partners de methode inmiddels in eigen huis toe. De overige partners en andere door RHP gecertificeerde potgrondproducenten kunnen hun monsters laten onderzoeken in het lab van het Europese kenniscentrum voor substraten.
“De methode wordt nu enkele jaren toegepast en lijkt goed te voldoen”, zegt hij desgevraagd. “Dankzij de perspottenmethode kun je beter definiëren hoe je een persgrond opbouwt. Het geeft producenten de mogelijkheid om de kwaliteit objectief in kaart te brengen en de productontwikkeling naar een hoger en efficiënter niveau te tillen. Ik verwacht dat een beperkt aantal partijen uiteindelijk in eigen beheer gaat meten. Voor kleinere producenten is dat minder interessant, maar die kunnen zich uiteraard tot ons blijven richten.”

Gebruikers ondersteunen

Minstens zo belangrijk als het ontwikkelen van goede nieuwe recepturen, is het juiste gebruik daarvan bij de opkweekbedrijven. Persgrondproducenten hebben daarin een adviserende rol, waaraan zij op basis van harde meetgegevens ook beter invulling kunnen geven.
Verhagen zegt dat één van de eyeopeners tijdens het ontwikkelingsproces was dat de potten die direct na het persen het stevigste waren, niet de sterkste potten waren op het moment van uitleveren. Om juist op dat cruciale moment stevig te zijn, moet de pot net iets natter van de lijn afkomen.
Hij vervolgt: “Een andere algemene aanbeveling voor gebruikers is om het water niet vlak voor het persen, maar eerder op de lijn aan de grond toe te voegen. Dat geeft over het algemeen een betere vochtdoortrekking en daardoor een stabielere structuur. En last but not least raden wij opkweekbedrijven aan om vochtmetingen in het proces te integreren. Vakmanschap blijft uiteraard onmisbaar, maar ook vakmensen presteren beter wanneer zij zicht hebben op details. Teeltmanagers kunnen toch ook al lang niet meer zonder klimaatcomputer?”

Samenvatting

Met een nieuw ontwikkelde meetmethode kunnen producenten van persgronden nieuwe recepturen ontwikkelen met beter voorspelbare eigenschappen. In combinatie met de bijpassende gebruiksadviezen helpt dit hun afnemers, voornamelijk opkweekbedrijven, om de kwaliteit van hun perspotten naar een hoger plan te tillen. Producenten hebben daarin een adviserende rol. Op basis van harde meetgegevens kunnen zij daar beter invulling aan geven.

Tekst en foto’s: Jan van Staalduinen en RHP.

[/wcm_restrict]

Gerelateerd

Geef commentaar

Uw e-mail adres wordt niet gepubliceerd