Het Nieuwe Telen (HNT) heeft een nieuwe beweging op gang gebracht. Lag voorheen het accent op energiebesparing, nieuwe inzichten laten zien dat beperking van uitstraling het teeltklimaat verbetert. Dat vraagt om aangepaste klimaatinstellingen.
[wcm_nonmember]
Voor het bekijken van deze content heeft u een lidmaatschap nodig, of log in als u al een lidmaatschap heeft.
[/wcm_nonmember]
[wcm_restrict]
“Je moet je niet meer afvragen wanneer het schermdoek dicht moet, maar wanneer het eigenlijk nog open moet.” Met deze uitspraak zet Peter Geelen van Plantmonitoring.NL direct de toon. Deze nieuwe houding ten opzichte van schermen is ontstaan door het onderzoek van de afgelopen jaren. Ook de discussies die plaatsvonden tijdens de vele HNT-cursussen van Kas als Energiebron, leverden nieuwe inzichten op. Aat Dijkshoorn van LTO Glaskracht bevestigt dat er veel meer wordt geschermd, waarbij 12 tot 14 uur per etmaal dicht geen uitzondering is.
Geelen spreekt ondernemers die het aantal schermuren hebben verdubbeld. Werd op het gemiddelde paprikabedrijf per seizoen 1.500 tot 2.000 uur geschermd, nu is dat veel meer. In de paprikaproef bij het Delphy Improvement Centre in Bleiswijk werd vorig jaar zelfs meer dan 4.000 uur dubbel geschermd zonder productie of kwaliteitsverlies. De gevreesde binnenrot trad er niet op.
Aangepaste schermstrategie
Het grote verschil in schermuren zit vooral in de toepassing van de scherminstallatie in het zomerseizoen. Dat gebeurde in het verleden nauwelijks. Het klimaatscherm gaat dicht op het moment dat de uitstraling hoger is dan de instraling. Die situatie doet zich net zo goed voor in de zomer als in de winter.
Telers die met deze strategie gaan werken doen dit veelal stapsgewijs. Ze beginnen daarmee door het scherm een uur eerder dan ze gewend zijn voor 90% te sluiten om zo uitstraling tegen te gaan. Door het tijdstip steeds te vervroegen, groeien zij naar een situatie waarbij het scherm even voor zon-onder sluit en iets na zon-op weer open gaat. Afhankelijk van de energievraag gaat het scherm 100% dicht.
“Dit is eigenlijk één van de grote eyeopeners van Het Nieuwe Telen”, vindt Geelen. “In combinatie met minder stoken, zodat het gewas minder verdampt.” Het resultaat is een veel grotere energiebesparing dan voorheen het geval was.
De aangepaste schermstrategie zorgt ervoor dat telers andere eisen gaan stellen aan schermdoeken. Tot nu toe was vooral de isolatiewaarde van het materiaal leidend. Door nieuwe inzichten geven zij nu prioriteit aan vochtdoorlatendheid, gevolgd door lichtdoorlatendheid en isolatiewaarde.
Andere instellingen
Een installatie met twee schermen, ieder op een eigen dradenbed, heeft de voorkeur. Beide kunnen dan 80% dicht liggen en elkaar overlappen, waarbij nog ruimte is om lucht en vocht uit te wisselen. Het traditionele sturen op basis van instraling is daarbij niet gewenst, want dat lokt onder ongunstige omstandigheden kouval uit. Beter is het om boven en onder het scherm meetboxen te plaatsen en op basis van die gegevens te regelen.
Het vraagt wat denkwerk om de instellingen op de klimaatcomputer goed te doen. Hein Jasperse van Priva is betrokken bij de HNT paprikaproef in Bleiswijk. Volgens hem is het goed mogelijk om met bestaande programma’s de juiste instellingen door te voeren. “In onze programma’s kun je gebruik maken van correcties. Per regeling zijn vier correcties mogelijk, die je automatisch kunt activeren onder ‘te kiezen voorwaarden’, bijvoorbeeld op het moment dat het energiedoek actief wordt. Vanaf dat moment schakelt het programma tijdelijk over op een alternatieve strategie voor bijvoorbeeld buis-, ventilatie- en raamregeling. Met een correctie op de raamregeling kan de teler bij een hoge luchtvochtigheid de minimum raamstand verder open sturen of een fellere P-band toepassen op het moment dat het energiedoek is gesloten.”
Temperatuurverdeling
Jasperse ziet een kleine verschuiving van het traditionele luchten aan de luwe zijde naar de windzijde en dan vooral op momenten dat het energiedoek gesloten is. Bij geopend scherm ziet hij dat de windzijde slechts tot een beperkte raamstand voorrang krijgt. Verder zijn goede ervaringen opgedaan door niet alleen aan één zijde te luchten, maar al snel aan de andere zijde een kleine raamstand in te laten komen. De temperatuurverdeling in de kas is dan vaak gelijkmatiger. Zeker nu de kassen veel hoger zijn dan in het verleden.
Tekst en foto: Pieternel van Velden
[/wcm_restrict]
