Voor telers die vooruit kijken

Alstroemeria wordt onderworpen aan fossielvrij en emissieloos teeltconcept

Telers en onderzoekers op weg naar Teelt van de Toekomst
261 0
Alstroemeria wordt onderworpen aan fossielvrij en emissieloos teeltconcept
Ondanks dat alstroemeria een kleine teelt is in Nederland, betekent dat niet dat er minder onderzoek naar wordt gedaan. Onderzoekers in Bleiswijk werken samen met betrokken telers en veredelaars om de teelt naar een hoger plan te trekken. Een fossielvrije teelt is daarbij een van de uitdagingen, waarbij LED een essentieel onderdeel vormt.
[wcm_nonmember]
Voor het bekijken van deze content heeft u een lidmaatschap nodig, of log in als u al een lidmaatschap heeft.
[/wcm_nonmember]
[wcm_restrict]
In de derde week van februari schijnt de zon al flink in de ochtend. Daarom houdt alstroemeriateler Dick Hoogenboom uit Nieuwe Wetering zijn SON-T-belichting nog even uit. Pas rond het middaguur zal hij deze aanzetten. De LED-lampen daarentegen laten al vanaf deze ochtend vroeg een roze gloed vallen op het gewas. “LED geeft je een ander stuur”, zegt de teler. “Daar kan je meer mee spelen, zodat je anders kan omgaan met het kasklimaat.

Keuzes gemaakt

Hoogenboom teelt samen met zijn broer op 29.000 m2 alstroemeria’s. Acht rassen hebben ze in het assortiment. De teler zit daarnaast in de gewascoöperatie, bestaande uit telers en veredelaars, die betrokken is bij het onderzoek van Wageningen University & Research in Bleiswijk. Hierbij wordt een fossielvrij en emissieloos teeltconcept voor de toekomst getest en vergeleken met de huidige teelt.

“Het teeltconcept is eerst doorgerekend door collega Feije de Zwart binnen een bureaustudie naar de mogelijkheden van fossielvrij telen. De alstroemeria was een van de uitgewerkte voorbeeldgewassen”, licht onderzoeker Nieves Garcia toe. “De teelt is relatief koel met – nu nog – een lage belichting. In een brainstorm met telers en onderzoekers zijn alle elementen van een teeltconcept voor de toekomst doorgenomen en zijn er keuzes gemaakt voor de huidige kasinrichting in de proef, zodat het ook voor de praktijk werkbaar blijft.”

Kleine teelt

Joke Vreugdenhil van Glastuinbouw Nederland heeft een betrokken groep telers en veredelaars verzameld in een gewascoöperatie. “Deze coöperatie bestaat uit bijna alle alstroemeriatelers in Nederland. Met ‘slechts’ ongeveer 45 ha is het een kleine teelt. We hebben het geluk dat het programma ‘Kas als Energiebron’ ook veel aandacht besteed aan kleine teelten. Die financiert ruim 85% van de kosten van het onderzoek. Hoewel de telersbijdrage ten opzichte van de totale kosten klein is, vertegenwoordigt het een flink deel van hun begroting. Maar het enthousiasme is groot.”

Elke twee weken komt de begeleidingscommissie onderzoek (BCO) langs. Die bestaat uit een afvaardiging van telers uit de gewascoöperatie. Elke zes weken wordt de BCO uitgenodigd om te horen over nieuwe ontwikkelingen en resultaten. “Je merkt dat ze erg bereid zijn om samen vooruit te gaan”, gaat Vreugdenhil verder. “Voor deelname aan een ander project onder Kas als Energiebron, het Monitoringsproject, zijn enkele telers op Let’sGrow aangesloten. Je ziet dat het gebruik van dit instrument ze veel nieuwe handvatten biedt om van en met elkaar te leren. Ze houden heel goed in de gaten wat hier gebeurt en resultaten worden, zo mogelijk, al snel geïmplementeerd in het eigen bedrijf.”

Teelt van de toekomst

Sinds oktober vorig jaar zijn er op de onderzoekslocatie in Bleiswijk twee kassen ingericht met twee verschillende rassen alstroemeria’s. De ene is een traditionele kas (referentie) met lage intensiteit SON-T-belichting, met een kasdek van normaal glas en met één scherm. De tweede kas wordt wel de ‘Teelt van de toekomst’ genoemd. Deze kas is sterker geïsoleerd (twee schermen) en heeft diffuus glas met een antireflectiecoating als kasdek. Daarnaast hangt er een full LED-belichting van 200 µmol en actieve ontvochtiging voor latente warmte opvang. “Het blijkt nu al dat we voldoende warmte hebben zonder gas te gebruiken. Behalve misschien in tijden van een Elfstedenwinter”, lacht Garcia.

In beide kassen wordt op substraat geteeld, terwijl dat in de praktijk nog niet veelvoorkomend is. “We hebben dit toch gedaan om een extra verduurzamingsslag te kunnen maken in de Kas van de Toekomst. De vergelijking met een grondteelt als referentie zou te veel groeiverschillen teweegbrengen, die we liever niet hebben in deze proef”, legt de onderzoeker uit.

LED belangrijke component

Het bedrijf van Hoogenboom telt 3.200 lichturen per jaar. Daarmee is hij de zwaarst belichte alstroemeriateler. Met LED is hij nu het derde seizoen in gegaan. “Het is een trend die de laatste jaren opkomt. Steeds meer collega’s gaan op deze manier belichten. Omdat deze teelt zoveel lichturen vraagt, waren we daar erg benieuwd naar. In theorie kan je daar, in vergelijking met SON-T, 40% van je energiekosten op besparen.”

Het eerste jaar, eind 2016, hingen ze op 1,5 ha LED-belichting in de kas, maar al gauw volgden nog 0,5 ha en de laatste 9.000 m2. “Er was een mooie subsidieregeling beschikbaar, dus vandaar dat we besloten hebben alles maar te doen. Naast de 100 µmol SON-T, hangt nu ook 50 µmol LED.”

Bij WUR Glastuinbouw is full LED een van de belangrijkste componenten uit het onderzoek. “We weten dat de lichtkleur sterk van invloed kan zijn op de gewasmorfologie en de kleur. We hebben daarom eerst eind vorig jaar een kort onderzoek gedaan naar zeven verschillende spectra in de proef LED-licht bij zonlicht”, vertelt Garcia. “We hebben hieruit het spectrum gekozen, waar goed mee te werken is in het gewas en dat in de proef het minste invloed heeft op de bladkwaliteit. In de sierteelt is bladkwaliteit een zorg. Minder goede bladkwaliteit zorgt gewoonweg voor inkomstenderving. Maar we weten nog niet of dit ‘het ideale spectrum’ is voor alstroemeria, omdat de vorige proef daar te kort voor was.”

Energiebesparing

De alstroemeriateler heeft zijn spectrumkeuze specifiek laten afhangen van zijn hybride-belichtingsomstandigheden. Hij klopte bij Signify aan, dat regelmatig samenwerkt met het onderzoeksinstituut. Zij hebben een lichtrecept voor ons gewas. “Het gebruikte lichtspectrum is erg energiezuinig”, vertelt Stefan Hendriks, namens de lichtspecialist. “In eerste instantie was er ook een klein gedeelte wit licht aan het spectrum toegevoegd. Dit gaat ten koste van de efficiëntie, maar zorgt wel voor een prettigere werkomgeving.”

De teler besloot later het witte licht eruit te halen. “Omdat tijdens de werkzaamheden ook de SON-T aanstaat, is voor de uitbreiding gekozen om het witte licht weg te laten. Hierdoor kon er nog een stapje worden gemaakt in de energiebesparing.”

Mee leren werken

De resultaten noemt de teler goed. “Er is zeker geen verslechtering sinds we met LED-lampen werken”, stelt hij. “Het gewas groeit goed en de productie ziet er voortreffelijk uit. Met alleen 100 µmol SON-T hadden we ook een goede bos, maar nu hebben we een harder gewas. In de donkerste maanden hebben we meer stelen. Uiteindelijk doe ik deze investering voor de productie. Veel productie met minder watt per vierkante meter. Dat is het doel.”

Toch betekent dit niet dat zijn productie nu optimaal is. “Je moet ermee leren werken. Alstroemeria oogst je door te kijken naar de juiste kleur knoppen. De LED-belichting zorgt ervoor dat de kleur er soms anders uitziet dan hij werkelijk is. Zo lijkt een kleine witte knop onder LED-licht goed, vanwege het roze licht, maar uiteindelijk is dat dus niet de goede knop om te oogsten. Dat is wel een dingetje. We moeten onze medewerkers daar nu meer op trainen.”

Verder ziet hij meer streepjes op de bladeren ontstaan bij bepaalde rassen. “Dat is wel een probleem. Zo komt het bij het ras Virginia nauwelijks voor, terwijl we het bij Romisa wel veel zien. De ene soort doet het beter dan de andere. In het algemeen heeft het denk ik te maken met de verhouding kunstlicht versus natuurlijk licht. Weinig kunstlicht geeft minder streepjes. Wellicht hebben de kou en de uitstraling eveneens invloed. Wat ik wel heb geleerd in de loop der tijd: licht is niet zaligmakend.”

Meerdere aspecten

De onderzoekers in Bleiswijk weten dat ook en focussen zich op meerdere aspecten. “Eigenlijk proberen we alles wat we aan kennis hebben ontwikkeld in de afgelopen jaren, in de proef te verwerken”, zegt Garcia. Maar de ambitie ligt hoger. De onderzoekers kijken nu voor het eerst naar de weerbaarheid van de plant. “We onderzoeken of en hoe bepaalde metabolieten de plaaggevoeligheid van de gebruikte rassen en behandelingen beïnvloeden. Nieuwe inzichten uit het Masterplan trips, die zijn opgedaan met andere sierteeltgewassen, nemen we nu ook in alstroemeria mee.”

“We volgen de proeven in de praktijk en kijken erg uit naar de resultaten van WUR”, zegt Hendriks. “Alstroemeria is een voorbeeldteelt wat LED betreft. De laatste jaren is het echt in opkomst. Het is een relatief koele teelt met veel belichtingsuren. Hierdoor heeft het veel potentie voor een full LED-oplossing.”

Maar of Hoogenboom over zal gaan op full LED is de vraag. “We moeten wel met full LED kunnen werken”, zegt de teler tot besluit. “Voor mij zal de overgang sowieso 40% op de energiekosten besparen”, zegt Hoogenboom. “Als er dan ook nog eens een subsidieregeling beschikbaar is, dan zullen we het zeker in overweging nemen.”

Samenvatting

Onderzoekers werken samen met telers en veredelaars aan een fossielvrij en emissieloos teeltconcept voor alstroemeria. In Bleiswijk zijn twee kassen ingericht, waarvan een de referentiekas is en de tweede de ‘Teelt van de Toekomst’ bevat. Full LED is een van de belangrijkste componenten uit het onderzoek. Alstroemeriateler Dick Hoogenboom uit Nieuwe Wetering experimenteert met hybride belichting en ziet dat LED inderdaad wel degelijk verschil maakt.

Tekst en beeld: Marjolein van Woerkom.

[/wcm_restrict]

Gerelateerd

Geef commentaar

Uw e-mail adres wordt niet gepubliceerd