Voor telers die vooruit kijken

Het is zaak te weten waar en hoe watervervuiling kan ontstaan

Teler kan nog efficiënter met waterstromen omgaan
663 0
Het is zaak te weten waar en hoe watervervuiling kan ontstaan

Vergeleken met het buitenland hebben de Nederlandse glastuinbouwtelers het beheer van hun waterstromen en de emissies naar het milieu goed onder controle. Toch kunnen zij nog efficiënter met de waterstromen omgaan. Alles draait om de vragen ‘met welk watertype heb ik te maken’ en ‘hoe kan ik dat het beste gebruiken’.
[wcm_nonmember]
Voor het bekijken van deze content heeft u een lidmaatschap nodig, of log in als u al een lidmaatschap heeft.
[/wcm_nonmember]
[wcm_restrict]
Dat stelt Stefan Bakker. Hij is productmanager bij het in Maasdijk gevestigde Revaho, leverancier van water- en beregeningssystemen. Volgens hem is het zaak dat een teler weet met welke typen watervervuiling hij op zijn bedrijf te maken heeft.
Het water op een glastuinbouwbedrijf kent drie soorten vervuiling. Zo is er de mechanische vervuiling met stof, potgrond, blad, zand, et cetera. De biologische vervuiling bestaat uit virussen, schimmels en bacteriën en vormt een bedreiging voor het gewas. En de chemische vervuiling bestaat uit zuren, loog, zouten en elementen als chloor en olie. “Deze vervuiling kan gevaarlijk zijn voor het gewas, maar ook voor het systeem. Denk aan leidingen die corroderen en aan afdichtingen die oplossen en dus leiden tot lekkages.”

Verschillende kwaliteiten

Alle typen water kunnen met één of meer vervuilingen te maken hebben. Neem het water met de hoogste kwaliteit: regenwater. Dit is over het algemeen erg schoon en dus betrouwbaar. Toch kan dit watertype verzuurd zijn (chemische vervuiling) en ook is mechanische vervuiling mogelijk, denk aan Saharazand dat regelmatig tot in West-Europa wordt meegevoerd.
De teler moet bedenken dat hij met veel verschillende kwaliteiten water te maken heeft.
Bakker somt op met welke typen water zoal. Allereerst regenwater en bassinwater. “Bassinwater heeft al een andere kwaliteit en EC dan het regenwater dat uit de lucht is komen vallen. Dat regenwater stroomt immers over het kasdek en door pijpen of leidingen zijn bassin in. Het neemt onderweg vuiltjes en neergeslagen chemische stoffen mee.”
Daarnaast zijn er leidingwater, bronwater, osmosewater, condenswater van de kasgevels (dit is al bij de plant geweest en kan resten van gewasbeschermingsmiddelen bevatten) en condensorwater van de rookgasreiniger (met de verplichting dit opnieuw te gebruiken). Maar ook is er het water in de eventueel aanwezige aquifer, spoelwater, oppervlaktewater in verschillende kwaliteiten (uit de sloot, met weinig kwaliteit, of uit een vaart, meer of rivier met meer kwaliteit), spoelwater, drainwater en in sommige tuinbouwgebieden ook nog kwelwater.

Ken de waterinfrastructuur

“Het is belangrijk dat de teler ervoor zorgt dat hij zijn waterinfrastructuur goed kent”, adviseert Bakker. “Teken het flowschema goed in en bestudeer het, dan zie je waar vervuilingen en waterresten ontstaan of kunnen ontstaan.”
Zo is osmosewater uit een bron vaak gietwater van een prima kwaliteit. Maar er zitten zouten (natriumchloride) en ijzer in die het beregeningssysteem kunnen verstoppen. En osmosewater kan methaangas bevatten, dat de groei van de slijmalg stimuleert.
Leidingwater is uiteraard erg schoon en de investering in een aanvoersysteem is laag, maar de prijs per kuub is hoog en dus is leidingwater duur in het verbruik. Alleen als het niet anders kan, zal een teler leidingwater voor de beregening gebruiken.

Waterbassin eerste filter

Bakker wijst erop dat het filter voor aangevoerd water in de unit feitelijk gezien het eerste filter is, maar dat in de praktijk het waterbassin als eerste filter fungeert. Daar immers bezinkt het vuil en vormt het een laagje slib of bagger op de bodem. “Het water daarboven is daardoor erg schoon. De teler kan dat laagje slib gewoon laten liggen, het doet geen kwaad.”
Alleen in de zomer, wanneer het water in het bassin laag staat, zijn er risico’s. “Door de opwarming krijgen we vaker te maken met korte, maar extreem hevige buien. Het water stroomt dan met enorm veel kracht het bassin in en woelt het vuil los. Dat komt in de aanvoerleiding en verstopt het filter in de waterunit. Dat merken wij: telers die opbellen met de vraag of zij het filter van de unit kunnen weghalen, want bij elke gietbeurt raakt het verstopt.”

Preventie is beste oplossing

Vanuit het oogpunt van de zuiveringsplicht is volgens Bakker met name de chemische vervuiling belangrijk, omdat dit vuil het lastigst te verwijderen is. Chemische stoffen hechten zich vaak aan stof en bladresten, waardoor een ophoping van organisch en chemisch vuil ontstaat.
Preventie is de beste oplossing: “Zorg dat het er niet in komt, dan hoef je het ook niet te verwijderen. Investeer je bijvoorbeeld in een nieuw beregeningssysteem, kijk dan of de diameter van de leidingen wellicht wat krapper kan. In nauwere leidingen is de stroomsnelheid hoger, waardoor het water de leidingen schoon kan schrapen van opgehoopt of neergeslagen vuil.”

Wel of geen afvalwater

Bakker heeft de indruk dat de meeste telers uit oogpunt van de zuiveringsplicht niet in extra installaties hebben hoeven investeren. “Ze gaan eenvoudigweg zo beregenen dat extra maatregelen niet nodig zijn. Soms stappen ze over op het doseren van waterstofperoxide, precies vóór de UV-ontsmetter. De combinatie van peroxide en UV-licht gaat een reactie aan met chemische vervuiling en breekt die af. Dat is in veel gevallen voldoende.”
Vaak is het afvalwater zo schoon, dat het geen afvalwater meer is. De teler hoeft het dus niet te lozen. Bakkers advies is dit water aan het drainwater toe te voegen of in een aparte silo op te slaan en later weer te gebruiken, toegevoegd aan en gemengd met het gietwater.

Kies bronnen slim

Tot slot: vroeg in het voorjaar is het oppervlaktewater nog schoon en heeft het veel kwaliteit. In de zomer, als de boeren al een tijd bezig zijn op hun land, is dat anders. “Maar in het voorjaar kun je oppervlaktewater goed gebruiken. Het voordeel: je hoeft het regenwater in het bassin, dat de hoogste kwaliteit heeft, nog niet aan te spreken. Die voorraad kun je dan lekker bewaren voor later in het seizoen. Dan is het oppervlaktewater sterk vervuild en moet het worden gefilterd, met het lozen van een reststroom tot gevolg. Dus kies je bronnen slim”, zegt de waterspecialist.

Samenvatting

Op hun bedrijven hebben telers met veel verschillende typen water te maken. Deze kunnen mechanisch, biologisch of chemisch vervuild zijn. Voor de ondernemer is het zaak te weten waar en hoe de vervuiling kan ontstaan. Die kennis stelt hem in staat om efficiënter met de waterstromen op zijn bedrijf om te gaan.

Tekst en foto’s: Jos Bezemer.





[/wcm_restrict]

Gerelateerd

Geef commentaar

Uw e-mail adres wordt niet gepubliceerd